✨ Gelukkig nieuwjaar! ✨
Ik wens alle lezers een gezond, inspirerend en succesvol 2026 toe.
Een jaar met mooie samenwerkingen, heldere keuzes en ruimte om verder te bouwen aan duurzame en eerlijke oplossingen in wonen en verhuur.
Dank voor het vertrouwen en de waardevolle interacties in het afgelopen jaar — op naar 2026!
En wat gaat er veranderen voor huurders en verhuurders van woningen in 2026?
Huurprijsgrenzen:
Per 1 januari zijn de huurprijsgrenzen geïndexeerd, de punten die de grenzen aangeven blijven gelijk.
Voor nieuwe huurcontracten vanaf 1 januari 2026 geldt:
- Sociale sector: ≤ 143 punten, maximale aanvangshuur € 932,93.
- Middensector: 144–186 punten, huur tussen € 932,93 en € 1.228,07.
- Vrije sector: ≥ 187 punten, huur boven € 1.228,07.
Huurverhoging:
Vanaf 1 januari mogen huurders in de vrije sector maximaal 4,4 procent huurverhoging krijgen en in de middensector maximaal 6,1 procent. Voor de sociale sector is de maximale huurverhoging per 1 juli 2026 vastgesteld op 4,1 procent.
De wet modernisering servicekosten:
Het hoofddoel van de wet is het beschermen van huurders tegen verhuurders die ten onrechte (te hoge) servicekosten in rekening brengen, door het systeem transparanter, strikter gedefinieerd en voorspelbaarder te maken.
Belangrijkste wijzigingen wet modernisering servicekosten:
- Limitatieve lijst: In het Besluit servicekosten komt een uitputtende lijst van kosten die verhuurders in rekening mogen brengen.
- Transparantie en redelijkheid: Er komt een grondslag om maximale bedragen per categorie vast te stellen en de servicekosten moeten redelijke vergoedingen zijn voor daadwerkelijk gemaakte kosten.
- Gelijkstelling nutsvoorzieningen: Het onderscheid tussen servicekosten en nutsvoorzieningen met individuele meters wordt opgeheven, wat meer duidelijkheid biedt.
- Huurcommissie: De Huurcommissie krijgt meer bevoegdheden om voorschotten te toetsen, en het wordt makkelijker voor meerdere huurders om samen een geschil aan te kaarten.
- Inwerkingtreding: De wet treedt naar verwachting in fasen in werking, waarbij de regels voor nieuwe contracten in 2026 ingaan en de volledige modernisering in de loop van 2026 wordt doorgevoerd.
Wet toekomstbestendige Huurcommssie:
Formele titel- Wijziging van de Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte en Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek in verband met het optimaliseren van procedures bij de huurcommissie (Wet toekomstbestendige huurcommissie).
De “Wet toekomstbestendige huurcommissie” (onderdeel van de bredere Wet betaalbare huur) introduceert maatregelen zoals de verplichte puntentelling bij elk nieuw contract (vanaf 2025), het toepassen van het vernieuwde WWS voor middenhuur, het verlengen van bezwaartermijnen voor uitspraken, de verplichting tot een schriftelijke gebrekenmelding door huurders, en de mogelijkheid voor gemeenten om in te grijpen bij te hoge huren, met als doel meer duidelijkheid, betere bescherming en een eerlijkere huurprijs voor huurders.
Belangrijkste maatregelen:
- Nieuwe Puntentelling (WWS):
Vanaf 1 juli 2024 geldt het gemoderniseerde woningwaarderingsstelsel (WWS) voor middenhuur (tot 186 punten), waardoor huurprijzen beter aansluiten bij de kwaliteit.
- Vanaf 1 jan 2025: Verhuurders moeten bij elk nieuw huurcontract een puntentelling (via de Huurprijscheck) bijvoegen, ook al valt de woning in de vrije sector, voor transparantie.
- Betere Huurprijsbescherming voor Huurders:
Huurders kunnen straks ook een te hoge vastgelegde huurverhoging (in het sociale segment) voorleggen aan de Huurcommissie.
Gemeenten krijgen de bevoegdheid om in te grijpen als verhuurders structureel te veel vragen.
- Verduidelijking Geschillenprocedures:
– Huurders moeten gebreken eerst schriftelijk melden aan de verhuurder voordat een procedure bij de Huurcommissie start; dit zorgt voor een duidelijk startpunt en bewijs.
– De termijn om in verzet te gaan tegen een voorzittersuitspraak wordt verlengd, zodat partijen meer tijd hebben voor specialistisch advies.
- Verbeterde Dienstverlening Huurcommissie:
De commissie biedt nieuwe ‘Huurprijschecks’ aan en maakt haar website toegankelijker, zodat zowel huurders als verhuurders hun rechten beter kunnen benutten.
- Flexibiliteit voor Studenten (vanaf 2026):
Vanaf 1 januari 2026 mogen studenten gebruikmaken van tijdelijke huurcontracten (flexibiliteit), een versoepeling die ook een plek krijgt in de nieuwe regels.
De beoogde datum van inwerkingtreding is nog niet bekend; het voorstel ligt momenteel bij de Tweede Kamer.
Wordt vervolgd.






